Logboek Zuid Amerikareis 2017

Vrijdag 7 juli 04u00.

Mijn mobiele telefoon gaat af. Die heb ik gezet om Bart te bellen. Hij komt ons halen om ons naar de luchthaven te brengen. Hij was bang dat hij zich zou verslapen. "Morgen Bart, ben je al wakker?" "Ja joh ik zit al een uur gitaar te spelen. Ik werd om half drie wakker en kon niet meer slapen". Een uurtje later, om 4u50 belt hij aan. Sabine is nog even bezig. Natuurlijk..... Om 5u10 is Sabine nog steeds bezig. Natuurlijk. Broodjes, drinken, handbagage. "Opschieten want het kan druk zijn op Schiphol". "Mmmm net was het nog vier uur, waar is toch dat uurtje gebleven?"

Gisteravond nog even "een paar dingetjes" gedaan. Ik dacht zo klaar te zijn maar dat valt altijd tegen. Eerst nog even langs Rob om nieuwe banden op de XT te laten monteren. Na Zuid Amerika volgt immers Piemonte en ik heb daartussen geen tijd om nog zaken te regelen. Dan de administratie van ons goede doelen project. Ik kopieer de gegevens van mijn bankrekening naar Excel om te berekenen waar we staan. Deze week ging het ineens enorm snel. Dinsdag tikt Ernst me aan. "Hey JP ik wil je sponsoren. 250 Euro maar dan wil ik wel dat je een fotootje op de Facebookpagina van mijn wijnzaak plaatst". "Joh, voor 250 Euro doe ik alles voor je!". Ik ga naar Facebook, staat daar een berichtje van een motorrijder die op dit moment in Mongolie zit, op weg naar Tokyo. "Hey JP, normaal gesproken doe ik niet aan goede doelen maar jouw project vind ik wel sympathiek. 500 Euro voor jou." Waaaaaat? Ik was al blij als we de 1000 Euro zouden aantikken. Nu plus 750 in 1 dag? Maar dat was afgelopen dinsdag. Ik blijf erover praten met mensen. Mijn Facebook pagina staat er vol mee. Waar zullen we op uitgekomen zijn? Ik kopieer de cijfers. Tel ze op.......mijn god. Twee duizend drie honderd drie Euro en tachtig cent! Ik tuur naar mijn beeldscherm. Dit is toch werkelijk niet te geloven. En dat met een spontaan idee dat drie weken geleden ontstond. Omdat ik geschokt was dat ze dingen als zeep, tandpasta en ondergoed nodig hebben. Deze actie heeft mij nauwelijks tijd gekost. En dan DIT bedrag? Ik gooi er nog maar weer een Facebook post tegenaan. Van blijdschap. En zet er maar weer mijn rekeningnummer bij. En ja hoor...weer komt er geld binnen. Het is zo'n onverwacht groot succes dat we deze week besloten hebben om het aantal doelen uit te breiden. Mobiel bankieren en PayPal op de tablet gezet en dan kunnen we terplekke wel bepalen hoe we de middelen gaan verdelen. Ik weet niet wat het is, ik zit in een enorme positieve flow. Ook op het werk gebeuren heel veel positieve dingen. Ik probeer vooral andere mensen goed te laten functioneren, delegeren, complimenteren. En dat levert veel positieve energie. En dan dit....het zal wel met elkaar te maken hebben.

Nu in het vlieguig, we naderen Madrid. De zon brandt fel op de knieen van mijn motor spijkerbroek. Op de luchthaven mocht ik mee naar de speciale paskamer. Tot op de onderbroek uitgekleed. Want dat je protectie in een broek hebt, dat is toch verdacht. Ik snap het wel en geef mijn motorbroek en crossbroek af zodat die door de scanner kunnen. De beveiligingsbeambte heeft zulke kledingstukken nog nooit gezien. Aanvankelijk is hij heel nors. Hij moet autoreiteit uitstralen he. Maar als de kledingstukken terugkomen slaat hij om en begint vriendelijke terug te kletsen. "O? Motorrijden in Peru en Bolivia? Bijzonder! Heeft u dan alleen handbagage bij u"? "Nee, maar deze kledingstukken pasten er echt niet meer bij". Tsja in mijn tas van 90 liter zit een benzinetank van 10 liter, tent, rugzak, slaapzak, matje, benzinebrander, gereedschap, ehbo set, 10 onderbroeken, vier t-shirts, een thermo shirt en een trui. Oja....en een flesje wasmiddel natuurlijk want we zijn meer dan drie weken onderweg. 90 liter, 22,7 kilo. Dat is alles wat ik kan meenemen. Want ik wil natuurlijk wel een keer in de Andes onder de sterren slapen. Sabine heeft ook een waterdichte zak van 90 liter. Daarin zitten vooral spulletjes voor de goede doelen. Tandpasta, ondergoed, sport outfits, medicijnen, voetbal goaltjes (jaja), pennen, potloden, slijpers. Het is werkelijk een fleurig geheel. Maar ik dwaal af! De landing op Madrid wordt ingezet...

Zaterdag 8 juli 10u30

We zitten weer in het vliegtuig, een binnenlandse vlucht naar Cuzco. Met gratis wifi, jaja, dus we kunnen onze lol op met de app van de vliegmaatschappij waar je allerlei films en andere onzin kunt bekijken. Ik werk mijn logboekje maar weer even bij. Gisteren rond 20u00 stonden we in Lima te wachten tot onze taxi ons van de luchthaven richting hotel zou vervoeren. Het verkeer in dit soort landen is altijd weer een openbaring. Nog geen 100 meter van de luchthaven of de claxon van de taxi is weer veelgebruikt. Net als alle andere weggebruikers. We maken een opmerking en onze taxichauffeur lacht. Tjsa, het verkeer is in dit soort landen echt anders dan in Europa.

We arriveren bij het hotel.Een budget twee sterren hotel met, jawel, een Turks stoombad. Het enige nadeel: alles in het hotel, inclusief onze kamer stinkt naar chloor. Ach ja, het is maar een nachtje. We maken eerst nog even een wandeling over straat waar ik nog wat te eten scoor. Maar wat ik nou gegeten heb? Geeeeeeen idee. Stokjes met mager vlees en iets wat lijkt op paddestoelen en zwoerd. Of het lekker was? Mmmm ook geen idee. Daar moet ik tot heden nog even over nadenken. Maar goed, ik heb weer iets van de lokale omgeving geproefd. Denk niet dat ik dat gerecht nog eens neem...

Gisteravond over straat gelopen en de buurt was so, so. We zijn maar bij de hoofdstraat gebleven want die acheraf steegjes.... Leuk zijn de tuk tuks met een batman spinneweb aan de achterzijde gelast. En/of grote batman wings. Humor kun je deze bromfiets chauffeurs niet ontzeggen. Daarna maar vroeg naar bed (22u00). Maar voor ons gevoel was het diep in de nacht. Volledig kapot in slaap gevallen. Het jammere is dat je dan om 04u00 lokale tijd weer klaarwakker bent. Maar goed, toch kunnen we uitgerust aan ons vervolg richting Cuzco beginnen.

Maandag 10 juli 06u39

We zitten in el Descanso. Een klein dorp midden in de bergen. Zojuist demotoren even onder handen genomen. Spiegel vast zetten, ķetting smeren. Het ijs zit op de motoren. Dat wordt nog wat om ze straks gestart te krijgen. Gisteravond hier in het dorp gegeten. Een hok met houten planken en plastic afgewerkt. Grote flatscreen tv met voetbal, joepie... Een oudere dame vraagt of we willen eten. Ja dat willen we. En binnen 10 secondenn staat een bord kippesoep met groenten voor ons. Na een inspannende dag zijn we uitgehongerd. Een menu? Who cares. Hier is het eten wat de pot schaft. Na de soep volgt rijst met twee stukken aardappel, een stukje wortel en een stukje kip. Met jus! Het smaakt verrukkelijk. Als je honger hebt smaakt alles! Dan vraagt een meisje of we koffie na willen. Ja natuurlijk! Sabine vraagt mij of ik suiker wil vragen. Nou ik heb de koffie geproefd en die is heerlijk. Zonder melk of suiker. Die Peruaanse koffie lijkt een beetje op Marokkaanse koffie, zoet en een ronde krachtige koffiesmaak. Bij nader inzien toch maar geen suiker... We rekenen af: 30 soles voor ons 2-en. Omgerekend 5 Euro per persoon.

Dan gaan we terug naar het hostel. Het is 19u10 en we stappen in bed. Weliggen onder 3 dekens plus dekbed. En dat is geen overbodige luxe. Maar we hebben het heerlijk warm. Heel even dacht ik nog dat ik aan mijn logboek kon werken. Maar om 19u15 liggen we allebei te slapen. Het was een inspannende dag en de hoogte werkt op je uithoudingsvermogen.

Gisteren, zondag, was de eerste dag rijden. En dat verliep niet zonder problemen. 's Ochtends kwam Sabine erachter dat ze de straps om de bagage vast te maken vergeten was. Die zijn wel essentieel. Nou heb ik natuurlijk een reserve set bij me maar dat betekent dat we geen reserve meer hebben. En die dingen willen nog weleens stuk gaan. Vervolgens de motor bepakt. Achterop hebben we een 10 liter brandstof tank en daar bovenop een 90 liter tas. Dat is veel... De motoren hebben een hoge staander. Dus een lichte motor, hoge staander en veel kilo's achterop. Niet ideaal. Binnen 5 minuten ligt Sabine om met de motor. Een grote vloek, terwijl Sabine nooooooit vloekt. Maar goed, niets gebeurd. Bagage er af, motor oprapen en opnieuw opzadelen. Sabine rijdt een klein testrondje. Maar het zit mij niet lekker. Het is teveel bagage. Als ze terugkomt stel ik voor om de spullen voor het weeshuis bij het hostel achter te laten. Dan doneren we dat maar in Cuzco. Dat scheelt liters en gewicht.

Maar Sabine is niet de enige die om gaat. Vijf minuten later ga ik ook om. De motor valt OVER de staander heen. Pfff ook ik mag de bagage weer af- en opzadelen. Ik was die ochtend om 6 uur op en we rijden om half elf weg. 's Middags, op een parkeerterrein ga ik nog een keer neer. Ik kom op mijn achterste terecht maar heb een crossbroek aan met protectie. De spiegel is intussen naar zijn grootje. Het rijden met dat gewicht achterop gaat prima. Ook onverhard gaat dat prima. Maar het neerzetten van de motor, dat is de uitdaging. Gisteren dus van Cusco naar El Descanso gereden. Prachtige valleien, gigantische bergen geheel begroeid. Witte bergtoppen. Hoogvlaktes met riviertjes er doorheen. De natuur in Peru is overweldigend mooi. Goed...het is 7u04, tijd voor ontbijt hier in de straat. Datzelfde leuke tentje van gisteren....  

Maandag 10 juli 21u04

Vandaag uit El Descanso vertrokken (om 8u55) en vanmiddag in Chivay aangekomen (om 16u00). En het was een fabelachtige dag. Gisteren hebben we zoveel mogelijk de offroad tracks vermeden. Een eerste dag, dan doe je liefst even rustig aan. Vandaag moesten we wel, willen we uiteindelijk bij "Condor valley" uitkomen (die staat morgen op het programma). De eerste keer vanochtend dat mijn gps rechtsaf aangaf, richting een onverharde weg twijfelde ik nog even. Maar goed, niet zeuren, gas erop! Eerst nog een beetje twijfelachtig, dat gewicht achterop voel je dan wel. Maar het gaat steeds beter. En hoe meer gas, hoe minder je last hebt van alle gaten in de weg. Het gaat steeds beter. Veelal staan er borden langs de weg dat je goed rechts moet houden....even later weet ik waarom. Ik rijd met een aardige vaart en ga de bocht om. Komt me daar een gevaarte van een bus aan....op mijn "weg"helft. Shiiiiiit! In de remmen, stuur naar rechts en ik wijk uit. Maar.....daar ligt diepe kiezel. En afremmen in diepe kiezel...vindt een motorfiets niet leuk. Ik slip met het voorwiel, ruk aan mijn rechter handvat om de fiets overeind te houden en sta ineens dwars op de weg. Maar ik sta! Pfieuw...ik kreeg het even warm.

Over warmte gesproken. De zon schijnt de hele dag maar het is toch koud. De wind voert koude lucht aan. We zijn er op gekleed dus het doet ons niet veel. Maar mijn vizier heb ik dicht gehouden want met open vizier is het echt te koud. Het is ook niet gek, het is hier winter. Bovendien rijden we hoog, heel hoog. De top lag vandaag op 4800 (!) meter. Toch hebben we van de hoogte niet veel last. Behalve vanochtend, toen waren we beide licht in het hoofd. Alsof je net een glaasje teveel gedronken hebt. 

We vervolgen onze weg en komen van een kiezelpas op een onverharde weg. Die wegen zijn goed aangestampt door walsen, je rijdt bijna als op asfalt. Even later maak ik een navigatiefoutje. Op de kaart zie ik dat ik met een weg binnendoor met 4km weer op de route kom. Maarre....weg is teveel gezegd. Enorme keien, diepe sporen, kiezel, zand, gaten, wasborden, deze track heeft het allemaal! Wholy guacamoly, nu moeten we echt op de stepjes en de offroad motor laten doen waar die goed in is. De bagage blijft ook goed zitten. We komen geen verkeer tegen. Wel een kudde Alpaca's met hun herders. We proberen een praatje te maken maar veel verder dan ons voorstellen komen we niet. Deze mensen spreken geen Spaans.

Het landschap is adembenemend. Vooral op de echte offroad tracks is het spectaculair. We worden ook steeds beter in het offroaden. Het gaat soepeltjes en vaak rijden we ook wat hogere snelheden. Bijkomend voordeel is dat je dan de oneffenheden ook minder voelt. Je "vliegt" er als het ware overheen.

Goed, het is 21u25 in Chivay, morgen weer een dag...

==================================

Donderdag 13 juli, 21u30, Arica (Chili)

Het is alweer een paar dagen geleden dat ik mijn logboek bijgewerkt heb. Het waren lange dagen die veel energie kosten. Maar we genieten van iedere minuut. We zijn ondertussen in Chili aangekomen maar veel had het niet gescheeld of we hadden rechtsomkeerts terug naar Peru moeten gaan. Vanmiddag om 13u was het eindelijk zo ver: de grens met Chili! Na vele kilometers rechtdoor knallen ben je blij dat je er eindelijk bent. We hadden al gehoord dat het even kan duren aan de grens. Uurtje ofzo. Dus 13u00 daar, 14u00 vertrekken en voordat je het weet zit je in Bolivia. Dat liep anders...

Bij de grenspost de motoren neergezet en in de rij om de papieren te laten controleren en het paspoort te laten stempelen. Bij loket 1: heeft u dit-en-dit formulier ook? Ik kijk.....ehm no tengo! Niet op de luchthaven gekregen? Huh? Ehm nee? Ow...probleem.... Probleem? Hoezo dan? Ik laat het stempell in het paspoort zien dat we op de luchthaven gekregen hebben. O nee wacht dan is het goed. Wilt u deze 2 formulieren ook even invullen? Tuurlijk. Formulieren ingevuld en terug naar de balie. Daar krijgen we een stempel. We mogen naar de volgende balie, de voertuig controle. De ambtenaar spreekt heftig, klopt vanalles in in zijn pc en loopt dan weg. Weg? Huh? Iets niet goed? Nou gaat u maar naar die balie, daar helpen ze u verder.

Wij gaan zitten bij een dame. Ze zegt dat ze dit nog nooit gedaan heeft. Kan even duren. Tuurlijk joh. Neem je tijd. Bij Sabine klopt de verzekering niet. Hoezo niet....kan toch niet. Blijkt dat de verhuurder onze verzekeringspasjes verwisseld heeft. Nou ja geen probleem, even omwisselen en klaar. Na een half uur is ze eindelijk klaar met de fiets van Sabine. Dan zal die van mij wel zo gepiept zijn. Denk je. Meneer wat is uw naam? Schreurs, dat zie je toch! Nee dat is het probleem, uw achternaam staat niet op het formulier. Het formulier is opgesteld door een notaris in Cuzco in opdracht van de verhuurder. Blijkt dat alleen mijn voornamen vermeld zijn! En nu? Zegt ze. Ja weet ik het! Het is toch duidelijk dat het een fout van de notaris is. Nee zo gemakkelijk gaat dat niet. Uw papieren zijn niet geldig! Je ziet toch mijn paspoort nummer! En voorde andere motor hebben we precies dezelfde papieren. Ik blijf lekker rustig zitten. Ik kan er toch niets meer aan doen. En we moeten toch over dat stukje asfalt.

Zij de baas bellen. En even later komt de baas. Alles uitgelegd en de case is simpel en duidelijk. De baas gebaart dat ik even mee naar buiten moet komen. Ojee, denk ik, dat gaat geld kosten. De baas knipoogt naar de mannelijke collega van de vrouw. Ojee, nog meer personen in het spel. Dat gaat ons nog meer kosten. Dan zegt de baas buiten tegen mij: regel het verder met mijn mannelijke collega. Met die vrouw valt niet te praten, met hem wel. Fijne vakantie! Poeh, dat is een meevaller zeg. Buiten moeten we nog langs een poortje en dan kunnen we rijden! yes! In Chili! Zou je denken...

Maar driehonderd meter verderop begint het hele circus opnieuw. Maar dan met de Chileense douane. We hebben in totaal vier stempels nodig. Vier? Wtf? Waarom vier? Jaaaaaa....een van immigratie, twee voor het voertuig en een van de baggage scan. Dus motor neerzetten, baggage er af, langs immigratie, voertuig invoer, baggagescan, en dan met ons papiertje met vier stempels eindelijk langs het laatste poortje. We waren om 13u bij de grens, om 16 uur rijden we Chili in....

Tsja, van dinsdag en woensdag had ik ook nog willen schrijven maar het is 22u15 en de ogen willen niet meer.

===================================

14 juli Putre, 22u02

Vanochtend in Arica ontbeten bij de Mac....fout! Een broodje ham met advocado pulp maar het blijft de Mac, het smaakt nergens naar. Die fout moeten we maar niet meer maken. In Arica, een mooie kustplaats in Chili, nemen we vervolgens een bekertje fruit op straat. Dat smaakt beter! Arica lijkt veel meer westers dan hetgeen we in Peru gezien hebben. Het is verzorgder, de winkelstraten lijken net Europse winkelstraten. Voor een strandvakantie ben je hier aan het juiste adres. But that is not us! Dus we klimmen weer op de motoren om de bergen in te rijden.

Iedere dag denk je: het kan niet mooier. Zoveel natuurpracht valt gewoon niet te overtreffen. We rijden Arica uit en stijgen gelijk naar grote hoogten. Van zeeniveau stijgen we vandaag tot 3700 meter. We zijn nog geen kwartier onderweg en de mond valt alweer open van verbazing. Gigantische canyons openen zich voor ons. Wat een gezicht. Het is fris en door de canyon rijden we naar boven totdat we op het plateau uit komen. Daar is het weer heel anders. Een gigantisch lange weg, tot aan de horizon: een lange streep. Gas erop dan maar, en we maken lekker veel kilometers.

Ondertussen wordt het warmer en ik voel de warmte van de zonnestralen. Wat een lekker gevoel. De wind door je pak en de warmte van de zon, heerlijk. Langs de bochten van het plateau staan op diverse plaatsen kruisjes. Tsja het blijft oppassen, er zijn geen vangrails. Aan het eind van het plateau komt weer een bergmassief. En dan....ineens...out of nowhere....net voor een bocht......komen vijf kleine condors uit de canyon naar boven! Recht voor onze neus! Ze zijn iets kleiner dan de grote broer maar wauw! Wat een gezicht. Wij schreeuwen het uit van enthousiasme. Dit is zo mooi. En ze blijven voor ons heen en weer vliegen! Wat een prachtige beesten. Het schouwspel duurt vijf minuten voordat ze weer in de canyon verdwijnen. Dit hadden we in onze stoutste dromen nooit verwacht.

Vol adrenaline rijden we verder. We komen in een canyon met bijzondere cactussen. De stam is recht en aan de top een soort kruin als een boom. Ongeveer om de 25 meter staat wel een cactus. Een prachtig gezicht. Het landschap is enorm, grote massieven die op afstand lijken op een grote berg pudding. We stijgen en stijgen. En we komen weer op een plateau uit waar de zon ons weer welkom heet en lekker verwarmt.

In de verte zie ik iets. Huh? Hier? In the middle of nowhere? Het lijkt een huis. We komen dichterbij en het is een plek waar je kunt eten en drinken. We stoppen en kijken eens goed. Het hele huis is van gerecycled materiaal gemaakt. Het terras is gemaakt van uitgedroogde cactussen die we net gezien hebben. Alles is versierd met kleurige materialen als glas, touw, schelpen, stenen. De eigenaren zijn excentriek. Als ik de  vrouw vraag waar ze vandaan komt zegt ze dat ze een kind van de aarde is. Ah..mij heb je niet zo snel hoor. Ik denk slim te zijn en vraag waar ze geboren is. In de ruimte zegt ze. Het stel runt deze plek nu een twintigtal jaar. Zij blijkt arts, hij heeft gestudeerd zegt hij, maar wat precies is onduidelijk. Hij heeft wit haar met baard en weinig tanden. Zij draagt eenvoudige grijze kleding. De plek hebben ze zelf gebouwd en alles is duurzaam. Gemaakt van gerecycled materiaal, zonnepanelen, windturbine. En jawel, een sateliet schotel op het dak voor de pc. De kinderen hebben ze thuis les gegeven en de oudste studeert nu. Ze geven excursies en serveren eten en drinken. Het is een fabelachtig mooie plek. Natuurlijk eten we wat (lekkerste broodje ooit) en we praten zo ongeveer een uurtje met hen. Excentriekelingen maar respect hoor. Los van de samenleving je eigen plek creeeren en zo duurzaam en gelukkig leven. Dat is weinig mensen gegeven.

Wij willen doorrijden tot Bolivia, maar dat raden ze ons af. Er is daar maar 1 plek waar je kunt overnachten, dat is een berghut. Op 4500 meter hoogte waar het in de winter minus 20 graden wordt in de nacht. Het advies is om in Putre te overnachten. Op 3700 meter met een leuk hostel, en restaurantjes. Mijn ervaring is dat je advies van locals moet opvolgen. En zo komen we al om 15u in Putre aan. Het is niet meer dan een dorp met wat huizen die meer op schuurtjes lijken. Het heeft een leuk pleintje en zowaar een bank met geldautomaat. 's Middags gekletst met Monica, ze runt een restaurant. 's Avonds eten we daar. Voor de lieve som van 15 Euro, met zijn 2en, kippe/groentensoep, broodje, banaan bakseltje, worstjes met aardappel en spiegelei, limoncello, wijn, koffie. Zo'n restaurant waar de lokale bevolking ook eet. Heerlijk.

En nu slapen, morgen vroeg op pad, Bolivia wacht op ons....

Maandag 17 juli 19u30 Sacabaya

We slapen bij Juan Carlo in Sacabaya. Geheel niet gepland zoals onze hele tocht in Bolivia niet volgens planning verloopt. We zitten in redelijk onherbergzaam gebied, de wegen die op de kaart staan zijn allemaal zandpaden en daar zit nou juist het probleem. We reizen weliswaar met offroad motoren maar de banden zijn geen echte noppen. Dat kan ook niet want 80% van onze reis gaat over asfalt. Bovendien hebben we veel gewicht achterop. In dit gebied zijn tankstations dun gezaaid. 250 km of meer tussen de stations is geen uitzondering. Daarom hebben we een 10 liter tank mee, die zit ook achterop de motorfiets. Daarmee vergroten we het bereik van 250km tot 450km. Maar ja, 10 liter is ook 10 kilo achterop de fiets. Verder hebben we een volledige kampeerset mee. Stel dat er iets gebeurt in the middle of nowhere, dan moet je kunnen overnachten en iets te eten hebben. En ik heb natuurlijk mijn eigen gereedschap me en materialen om noodreparaties uit te kunnen voeren. De ANWB komt hier niet... Dus al hebben we niet veel persoonlijke spullen mee, we doen het allebei met 1 tas, toch is dat zwaar achterop. En dat is geen goede combinatie met zand.

De motoren schieten alle kanten op in het mulle zand. We weten dat je gas moet geven in mul zand maar kennis en vaardigheid zijn twee verschillende zaken. We reizen met een laag temp en hebben moeite om de motoren overeind te houden. Ik ben afgelopen twee dagen een keer onderuit gegaan, Sabine meerdere keren. Een keer lag de motor op haar voet en kon ze er nauwelijks onderuit. Dat was schrikken maar niets gebeurd. Een pijnlijke voet maar na een rondje lopen was de pijn weg. We rijden nu al twee dagen offroad en dan echt heftig. Heel mul zand, woestijnachtig terrein, diepe sporen en geulen. Met bagage is dat bijna niet te doen. Maar je hebt geen keuze. We hebben de verharde weg verlaten en het terugvinden van die verharde weg is een opgave. Nu in twee dagen slechts 70km afgelegd. Daar waar we, om ons reisschema te volgen, per dag gemiddeld 250km moeten afleggen. Ik weet iedere dag dat het te langzaam gaat. Maar ook hier geldt: er is geen keuze. Veiligheid boven alles. Dan maar het reisschema aanpassen.

Even de dag van vandaag: vanochtend om 9u00 vertrokken van Angelika ergens in de buurt van Challahuiri. Wij dachten: dan heb je de hele dag om dat laatste stukje offroad af te leggen. We zijn nog geen vijf minuten onderweg of we staan voor een river crossing. En niet zomaar eentje, nee een diepe doorgang. Ik zie bandensporen, maar die zijn erg breed. Dat moet een groot voertuig geweest zijn. Met onze motoren weet ik het nog niet zo. We hebben eerder river crossings gedaan, onder andere in IJsland, maar toch twijfel ik. Ik loop de rivier heen en weer maar links en rechts van de crossing is het nog dieper. Hijgend kom ik weer bij Sabine en de motoren. We zitten op 3800 meter hoogte en iedere fysieke inspanning valt zwaar. Potverdorie! We besluiten hier over te steken en halen de bagage van de motoren.

Dan komt er een mannetje op de fiets aan. We spraken hem vanochtend. Hij waarschuwt ons niet hier over te steken. Tsja, advies van locals, altijd omarmen! Wat dan? Hij loopt met ons mee een heel stuk naar rechts. Daar, daar moet je schuin oversteken. Ja natuurlijk, waarom heb ik dat niet gezien. Dat is een stuk ondieper. Hij fietst weer weg op zijn barreltje. Maar dan begint het voor ons pas. Bagage weer opzadelen en dan bij dat stuk van de rivier proberen te komen met motorfiets. Te voet was geen probleem maar er zitten stukken rivierbank bij die je met bagage niet makkelijk neemt. Dus maar over land. Tussen grote stukken woestijngras door. En ook dat is niet makkelijk. Op een bepaald moment rijd ik me helemaal vast en Sabine moet duwen wil ik er uit komen. Eindelijk staat mijn motor bij de juiste crossing. Sabine vraagt of ik haar motor ook er naartoe will rijden. Zij is buiten adem. Natuurlijk doe ik dat en we staan met zijn 2en hijgend bij de crossing.

Mmm. Ik twijfel. Wat als die motor om gaat? Kunnen we dat dan nog oplossen? Krijgen we hem uberhaupt het water uit? En krijgen we hem dan uberhaupt nog aan de praat? Maar er is geen keuze. De enige keuze is of we de motor rijdend door de rivier overbrengen of dat we hem, met lopende motor duwen. Dat laatste is altijd de veiligste optie. Ik besluit eerst de rivier lopend over te gaan. Ik heb immers waterdichte "adventure boots". Correctie: ik had waterdichte boots. Ooit waren ze perfect waterdicht maar bij de eerste stap gutst het water al naar binnen. Nou ja, natte voeten is niet ons grootste probleem. Te voet gaat het prima, dus de motoren maar weer ontdoen van de bagage. Ik stuur de motor, loop ernaast en Sabine loopt er achter. Dat gaat eigenlijk best goed....totdat...

We bereiken de overkant en daar is veel modder. Geen gewone modder, dit is een gebied vol met vulkanen. Een prachtig gezicht maar vulkaanzand is heel erg fijn. Het zuigt alles moervast als je er in komt te staan. Maar gelukkig, het is vroeg genoeg en nog niet alles is ontdooid. Dan komt de volgende uitdaging....om op de kant te komen moeten we een wal van mos bedwingen van pak 'm beet een halve meter hoog. Ik geef een stoot gas en de motor trekt mij aan het stuur mee omhoog. Ik loop er immers nog naast. In een split second staat de motor op het droge!

Mission accomplished....denk je. Maar dan moet er nog een motor....en een grote tas....en nog een grote tas. Een uur later staan we uitgeput, hijgend aan de wal met al onze zooi. Ik heb de grootste moeite om mijn laarzen uit te trekken, zo uitgeput ben ik. Op deze hoogte is het geen sinecure om een rivercrossing te doen. We laten het water uit de laarzen lopen en rusten nog even uit in de zon. Dan weer de hele zooi opzadelen en om 11u00 rijden we weer weg. We zijn in totaal twee uur bezig geweest met 1 rivercrossing. Zo zout heb ik het nog nooit gegeten.

Daarachter ligt de weg, is ons verteld. Dat klopt, maar een weg zou ik het niet noemen. Het is weer een grote zandbak. We worstelen ons er weer doorheen en na anderhalf uur: nee, dit is niet waar! WEER een river crossing? Zo staat het niet op de kaart. En deze is veel dieper dan de vorige. Weer lopen we links en rechts van de rivier om te kijken of er andere mogelijkheden zijn. Maar nee hoor, daar is het nog veel dieper. Dan loopt Sabine de heuvel op. Goed idee! Het terrein verkennen. Op de top zie ik ineens....daar! In de verte! Is dat? Nee dat zal toch niet? Jawel! Het is een brug! En een dorp! Dat moet Sabaya zijn, en Sabaya grenst aan een verharde weg! Halleluja! Weg uit de zandbak!

We worstelen ons weer door het zand richting het dorp. Bij de kruidenier kopen we wat koekjes, vis, water. Dat wordt onze lunch. Bij de kruidenier spreken we ook wat locals. En dan komt de hemel weer naar beneden. Dit is niet Sabaya, dit is Sacabaya. O mijn god er komt geen eind aan deze ellende. Een dorpeling komt ons waarschuwen dat een motor omver geblazen is. Gedurende de dag neemt de wind hier toe tot krachtig. En jawel, mijn motor ligt op zijn kantje. Kost me weer een spiegel van 20 dollar. Maar dat is het minste probleem. Een andere dorpeling vraagt of de spullen die we gekochten hebben ons ontbijt is. Ehmmm ja. Ah! Dat kan toch niet, kom mee naar mijn huis en ik maak iets te eten voor jullie. Sabine twijfelt...we hebben geen tijd! We moeten door! Maar ik zie ook dat ze uitgeput is. Ze trilt, heeft het koud. Ik accepteer de uitnodiging. De man, Juan Carlos, gaat nog even wat lama vlees kopen. En met het rauwe vlees loopt hij over straat richting zijn huis.

Het is een groot huis, nog in aanbouw maar de benedenverdieping is gereed. En hij zet ons een werkelijk verrukkelijk maal voor. Lamavlees in reepjes, tomaat met ui en rijst. We overleggen wat te doen. Het is nog vier uur tot de verharde weg in Sabaya. Het is nu half twee. Om half zes gaat de zon onder. Geen hotels onderweg. Het is winter en 's nachts vriest het hier. Dus als we nu vertrekken hebben we nul reserve. En de vraag is of wij het in vier uur redden. Met harde offroad tracks; geen probleem. Maar het zal wel weer een zandbak zijn. Sabine wil weten of we de motoren op een vrachtwagen kunnen laden om zo weer de bewoonde wereld te bereiken. Ik vind het een gek idee en zie allerlei problemen. Toch vraag ik het aan Juan Carlos, een vrachtwagen chauffeur van beroep en hij is resoluut: dat is geen optie. Ik leg hem ons dilemma voor en vraag of we in het dorp kunnen overnachten. Natuurlijk zegt hij, ik heb een mooie gastenkamer....

We hebben niet veel afstand overbrugd, de dag is nog niet half gevorderd maar toch is dit de veiligste optie. Mijn reisschema gaat aan gruzelementen maar ik zie dat Sabine op is. De hoogte heeft een groter effect op haar dan op mij. Vanmiddag maar even rust en morgen de hele dag nemen om de verharde weg weer te bereiken. Dan besef je in wat voor immens land je bent. Maar je beseft ook dat dit ook deel van het avontuur is. We ontmoeten mensen die we anders nooit zouden ontmoeten. Gisteravond zagen we een sterrenhemel, ongekend mooi. Vanochtend moest ik mijn behoeften doen, deed dat bovenop een heuvel en om mij heen verschillende vulkanen met besneeuwde toppen en in het dal de rivier. Vanmiddag een stuk over een zoutvlakte gereden. Misschien weinig kilometers maar ongekend mooie natuur.

Tsja en hoe kwam het nu zo dat we vandaag maandag 17 juli in Sacabaya gestrand zijn? Verschilende tegenvallers hebben ervoor gezorgd dat we zo veel tijd verloren zijn.

Zaterdag 15 juli. We rijden vanuit Chili (Putre) naar Bolivia. De route is verbluffend mooi. Bergmassieven, vulkanen, Alpaca's, Flamingo's, meren, we hebben het allemaal gezien. Er is veel vrachtverkeer en op een bepaald moment zie ik: peaje. Dat is tol, en bij tol mag je met de motor rechts erlangs rijden. Dus doen we dat. We rijden door en 5km later, de Boliviaanse grens! Eindelijk! Maarre geen grenscontrole. We rijden door en zitten in Bolivia. We stoppen om te overleggen. Het is 11u00, geen controle? Mmmm we moesten ons vast ergens melden. En dan begint de grote ellende. We rijden terug naar de Boliviaanse grens, parkeren de motoren en gaan in de rij staan. Helaas meneer, u moet zich eerst melden bij de Chileense grens. Verdorie! Weer dat klote stuk terug over een bagger stuk weg. Maar waar is die Chileense grens? Er staan moderne gebouwen maar geen kip te zien. Shit, het is vast daar bij die peaje! Nog een stuk terug! Daar even zoeken en ja hoor, een kantoortje van 4 bij 5 meter waar je een briefje krijgt waar 4 stempels op moeten, eentje krijg je er zo bij.

Dan weer dat hele stuk naar de Boliviaanse grens. En wat we daar meemaken is ongekend triest. Het eerste loket is de immigratie. Dat gaat redelijk soepeltjes. Maar dan de invoer van de motoren. Ik weet dat op de eigendomsverklaring mijn naam niet goed vermeld staat. Ze zijn mijn achternaam vergeten, de sukkels. Maar dat blijkt niet het grootste probleem. De vrouwelijke beamte checkt de chassisnummers met de papieren en bij mijn motor is er een cijfer verschil! Hoe het kan, geen idee. Ik vraag haar wat te doen en ze zegt ga terug naar Peru. Wat? Maar dat is geen optie. Zij gaat weer doodleuk achter haar balie zitten. Ik bel de motorverhuur, geef de telefoon aan de beamte en zij gaat ineens vanalles doen achter haar pc. Geen idee wat ze haar verteld hebben. We geven haar alle papieren en krijgen opdracht te gaan zitten. Nou dat lijkt goed te gaan....niet dus.

Nadat ze twee uur bezig geweest is komt ze naar ons toe met papieren. In drievoud. Twee in Spaans en een in het Engels. Of Sabine even wil tekenen. Ik zie dat er staat dat de toegang geweigerd wordt omdat de motor geen eigendom van Sabine is. Stop! Niet tekenen! De beambte zit alweer achter haar balie en ik zeg dat ik het niet begrijp. Het zijn gehuurde motoren maar er zit toch een eigendomsverklaring bij? Ze kijkt me aan als de domme koe die ze is. Eigendomsverklaring? Ja! Dat ligt al twee uur onder je neus! Ahhhhhh momento......en ze gaat weer aan het werk. Weer zitten. Weer wachten. Zij weer klikken en tikken. Weer twee uur bezig. Dan moeten we papieren invullen met de eigendomsverklaring. Ik vul niet mijn achternaam in omdat ik weet dat het niet goed staat op de eigendomsverklaring. Bij de Chileense grens konden we het regelen omdat de fout zo overduidelijk is. Maar met deze koe is niets te regelen dus vul ik Barbara in bij mijn achternaam. Zou ze er in trappen. Ze is weer god weet hoe lang bezig met checken en ik ben bang dat ze het ziet. Dit kun je niet over het hoofd zien als je alles zo goed checkt. Mijn hart klopt in mijn keel. En dan weer een papier. Of ik even wil tekenen. Lees ik dat goed? Het is de officiele toelating tot Bolivia! Deze muts checkt alles drie keer en trapt in mijn truukje!

Oja....of we even een kopie van paspoort en verzekeringspasje willen maken. Huh? Er staat een kopieer apparaat achter je! Oja! Ze drukt op knoppen maar er gebeurt niets. Oja, de stekker in het stopcontact. Trut! Zie je dan niet dat het apparaat uit staat! Maar nog lukt het haar niet. We moeten naar de overkant van de straat om daar kopietjes te laten maken. Uiteindelijk staan we 17u30 weer buiten, we waren hier vanochtend om 11u00. Dan het volgende probleem: we mogen Bolivia in maar de wind waait hard, overal zand, en het wordt donker. We trekken het regenpak aan. Onze oorspronkelijke idee was een overhard pad, maar omdat het intussen donker is rijden we verhard. Ik heb een zeer sterke fietslamp die ik op de motor gemonteerd heb. Dat geeft meer licht dan mijn koplamp. Achter een vrachtwagen rijden we kilometers. Maar dan op een berghelling haalt hij in en wij moeten achterblijven. De fietslamp doet goed dienst, met hangen en wurgen bereiken we een dorp met een hostel. Na een avondmaaltje met locals in de dorpsstraat vallen we uitgeput in bed.

Zondag 16 juli. We hebben weer een probleem. De benzine raakt op en op de jerrycans alleen gaan we het niet redden. We vragen of ze in het dorp ergens benzine verkopen. Nee helaas is het antwoord. Dan maar naar de dichtstbijzijnde benzinepomp, dat is 80km verderop. De route is schitterend, over asfalt tussen vulkanen door met besneeuwde toppen. We hopen het net te redden op de tank maar 5km voor aankomst staan de motoren droog. We ontmantelen de motor van Sabine van de bagage en gooien de inhoud van de jerrycan in de motoren. Dan komen we aan bij het benzinestation. Hee ken ik dat hier niet? En ja hoor, we zitten op 1 km van de grens.

Nou gooi de jerrycan maar eerst vol dan. Maar helaas, ze verkopen alleen aan voertuigen. Dat heeft te maken met de subsidie van de Boliviaanse overheid. Mmm maar die jerrycans hebben we echt wel nodig. Dus ontkoppel ik de benzineslang van de motoren en laat de bezine van de motoren weer in de jerrycan lopen. Dan met de motoren naar de pomp. Dat mag wel.

We besluiten de oorspronkelijke route te volgen. En nog geen 5km later lig ik op mijn plaat. Een heuvel af, zand en een diepe geul. Ik voel mijn achterwiel weg slippen en mijn bagage trekken. Ik geef nog een dot gas maar het is te laat. Geen zeer gedaan dus bagage afkoppelen, motor overeind, bagage er weer op, motor doorstarten totdat die weer aanslaat en doorgaan. We laten ons niet ontmoedigen. Zo moeilijk kan het niet zijn....little did we know. We rijden steeds verder in het woestijn landschap met overal vulkanen om ons heen. Het is prachtig. Maar het rijden wordt moeilijk. Vermoeidheid en hoogte spelen ons parten. Sabine gaat onderuit. Een slippertje in het diepe zand. Ook ik slip vaak. We weten het: bij zand: gas erop, voeten op de stepjes en gewicht naar achteren. Maar het is toch moeilijk te doen, zeker met die kilo's achterop. Bij het kleinste foutje trekken die kilo's je motor een kant op die je niet wil. Maar goed, Sabine heeft zich niet bezeerd en na het hele ritueel van bagage af en op kunnen we verder.

Even later zie ik Sabine niet meer. Ik wacht bij een afzetting, de weg is nl. op diverse plaatsen afgezet maar wij willen en kunnen niet meer terug. Die afzettingen zijn gewoon van ijzerdraad en kun je zo los en vastkoppelen. Sabine komt niet. Shit! Ik geef gas en rij terug en ja hoor, de motor ligt op haar been. Met moeite til ik de motor op (de bagage zit er nog op) en Sabine kruipt er onderuit. Even zijn we bang dat er iets gebroken is. Ik vraag haar hoe het is. Goed maar pijnlijk. Ze staat. Kun je blijven staan? Ja dat wel. Kun je lopen? Ook dat gaat. Het blijkt uiteindelijke niets te zijn. Maar geschrokken zijn we wel. Dit wordt te gevaarlijk. Maar er is maar 1 uitweg uit deze woestenij: doorrijden en dat weten we alletwee.

Het wordt later en later. Sabine raakt oververmoeid. Het is 17u00. Om 17u30 gaat de zon onder en om 18u00 is het pikdonker. Wat te doen? Ik overweeg ons noodplan: het tentje opzetten. Maar het vriest hier 's nachts, en niet zo'n beetje ook. We hebben wel ervaring met winterkamperen, maar om dat nu hier te doen? Om 17u30 zien we een paar hutjes. Het schemert. Een vrouw komt naar buiten, het blijkt Angelika te zijn. Ik vraag of we daar kunnen slapen. Maar natuurlijk zegt zij. Wat een opluchting. Op de Garmin lijkt het volgende dorp zo dichtbij maar we riskeren het niet. En maar goed ook, blijkt achteraf.

Angelika woont in een hut van twee bij vier meter. Een stenen slaapbank, een oventje en een ledlampje. Ze heeft stroom van een zonnepaneel en twee windmolentjes. Dat is voor het hele gehucht van plusminus tien hutjes. De meeste hutjes zijn onbewoond. Geen wonder, dit is the middle of nowhere. Luxe is nul komma nul. We installeren onze slaapzakken in een van de hutjes en eten met Angelika. Kleine, zoete geroosterde aardappeltjes, lama soep en brood. Vooral de aardappeltjes zijn heel lekker. Toen wist ik nog niet wat voor uitwerking het zou hebben op mijn darmen. De volgende ochtend is mijn ontlasting groen! Tsja we hadden ook geen andere optie qua eten. Angelika is verbaasd over het hoofdlampje van Sabine en de volgende ochtend, bij de thee, geeft Sabine het lampje kado. Angelika is als een kind zo blij. We betalen haar 50 Boliviano's. We hebben alleen briefjes van 50. We hebbben geen idee hoeveel dat is maar bij het vorige hostel betaalden we 80. 50 zal we teveel zijn, maar ja, ze heeft immers niks.

En zo zijn we weer aanbeland bij het heden, maandag 17 juli 22u10. Is deze tocht te avontuurlijk geworden?Ja. Niet eerder hadden we zoveel tegenslag op een reis. Is het te gevaarlijk? Nee, we zijn goed voorbereid en op ieder moment weten we een oplossing. Is het het waard? Dat zeker. Juan Carlos en Angelika hadden we anders nooit ontmoet. Hartverwarmende mensen. Het reisschema moeten we aanpassen. Het is niet anders en dat hadden we ook tevoren afgesproken. Morgen vroeg opstaan en dan hopen we toch echt weer de verharde weg naar de bewoonde wereld te bereiken. Het enige vervelende is dat onze telefoon het hier niet doet en we geen internet hebben. We kunnen dus geen contact met het thuisfront leggen. Nu maar hopen dat we morgenavond in Sabaya een hotel met wifi hebben.....

======================================

Dinsdag 18 juli. Vanuit Sacabaya vertrekken we richting Huachachalla. Volgens Juan Carlos een reis van vier uur. En al snel zitten we weer in het diepe zand. Maar toch gaat het beter, misschien omdat we uitgerust zijn maar we houden er toch een aardig gangetje in. Ik houd het gas er aardig op. Ik weet dat Sabine zich op mij orienteert, dus ook zij rijdt er aardig doorheen. En waarempel, na een uurtje een dirt road! Modder die met een wals aangestampt is, zeg maar. Voorzichtig draai ik het gas open. Dat gaat lekker! Verder open! Wauw, alsof je vliegt! Nou dan maar met 80km/u, gaat nog steeds lekker! Na zoveel zand is dit zoooooo lekker. Maar in Bolivia kun je op ieder moment verrast worden. Zo ook nu...... In mijn rechterooghoek zie ik iets van een wolk.Huh? Een wolk? Het haalt mij in.....huh? Ik rijd 80 op de weg, wat gaat er nou harder dan 80 op het onverharde? Dan steekt het de weg op! Wow! Recht voor mijn motor? Het is een groepje Vicuna's, een stuk of acht. Wat een prachtige beesten, en zo ongelooflijk snel. Ik zie ze in al hun pracht, in volle gang, zie alle spieren van de beesten bewegen. En voor ik het weet zijn ze de weg over en weer verdwenen. Gebeurde dit echt? Heb ik dit niet gedroomd? Een ontmoeting om nooit te vergeten.

In twee uur tijd bereieken we Huachachalla waar we bovenop de berg genieten van het uitzicht. We eten crackers met vis. Achter ons het bergmassief. Voor ons een grote rotspartij, het dorp en verder grote, grote leegte. Je voelt jezelf dan heel, heel klein. We rijden verder over een grote weg richting Oruro. Net voor Oruro komen we langs een stuk met bijzondere cactussen. Een bijna buitenaards gezicht. En zo komen we tijdig in Oruro.

Woensdag 19 juli. Vanuit Oruro vertrekken we richting Cochabamba. Om 14u is het bezoek aan de jeugdgevangenis gepland. Dat wil ik niet missen, dat lijkt me zo bijzonder. De Garmin geeft aan dat we 13u arriveren. We rijden over asfalt dus dat zou moeten kloppen nietwaar? Niet dus. Het blijkt dat in de weg 35km wegwerkzaamheden zitten. En dan op zijn Boliviaans: gewoon over dirt rijden. Compleet met kuilen, stenen, nattigheid, stofwolken van grote vrachtwagens. En ik zie dat we tijd verliezen. Nee he! We gaan die afspraak toch niet missen? Nou is het zo dat wanneeer je over dirt rijdt, je beter hard kunt rijden, des te minder last heb je van oneffenheden. Je zweeft als het ware over de weg. Dus ik trek het gas open. We vliegen er over heen, tussen alle langzame trucks door. Het lijkt wel een ciruit. Verbazingwekkend snel schieten we op. Maar toch zie ik die aankomsttijd op de Garmin oplopen. Half twee zegt ie nu Na de roadworks volgt een prachtige vallei. De uitzichten zijn zo mooi. Maar we hebben geen tijd om te stoppen. En om half twee bereiken we de stad. Maar helaas: file! Potverdorie! Stoplichten, stoplichten, stoplichten. Auto's, auto's, auto's. Later, later, later...ik geef het op. Dat halen we nooit. Kilometers rijden we door stadsverkeer, dan een rotonde, links, links, we staan voor de deur! Twee uur precies! Mauge verwelkomt ons hartelijk, bakt zelfs nog even een eitje voor ons en dan off to prison!

Het bezoek aan de gevangenis is indrukwekkend. Als we binnenkomen zijn de jongens allemaal op de binnenplaats, een paar voetballen, een paar zijn in de werkplaats aan het klussen. Als we binnen rondkijken zien we een toegang tot de keuken, het kantoor, de gebedsruimte. En dan zie ik een woord dat ik vertaal als gevangenis. De rillingen lopen mij over de rug. De slaapvertrekken krijgen we niet te zien maar ik hoor dat ze per kamertje met vier of vijf jongens op slechte matrassen op de grond slapen. He bah, ik realiseer me dat deze jongens niets maar dan ook echt helemaal niets hebbben. Geen liefde, geen familie die om ze geeft, geen bezittingen, geen kennis, geen skills. Mijn god wat heb ik met ze te doen.

Wij hebben die ochtend flinks gas gegeven, over dirtroads gereden, de boots onder de modder en geen tijd om ons om te kleden. Nou dat maakt indruk als je dan de gevangenis binnenkomt. Twee zulke stoere mensen, wie zijn dat, wat komen ze doen? De jongens vragen de leiding of ze ons willen introduceren en al snel zijn we met veel jongens in gesprek. Niet te geloven dat het allemaal kleine crimineeltjes zijn. Ze zijn zo spontaan, hartelijk, vriendelijk! We voelen ons zo op ons gemak bij hen! Hoe kan het toch dat deze jongens het verkeerde pad gekozen hebben.

Conexiones verzorgt hier iedere woensdagmiddag workshops. Vanmiddag een drama workshop over liefde, hoop, verveling, verslaving. De centrale boodschap is: je maakt zelf keuzes in het leven. De drama workshop wordt door een echtpaar gegeven en ze doen het met verve. Regelmatig lacht de hele zaal. De intro wordt verzorgd door Mauge. En zij is de baas, de kinderen luisteren goed. Mauge heeft een natuurlijk overwicht. Aan het eind van de workshop krijgt ieder kind een papieren hart. Daarop schrijven zij dingen waar zij spijt van hebben. Aan het eind worden alle papieren verscheurd: het verleden kun je niet veranderen, je kunt alleen andere keuzes maken. Bij de tweede keer dat dee workshop gegeven wordt barst een van de jongens, een fikse kerel langer en breder dan ik zelf, in huilen uit. Ik had beter naar mijn ouders moeten luisteren! Hartverscheurend. Maar tegelijkertijd hoop je dat deze workshop voor hem het begin van een ander leven is.

De andere workshop gaat over rekenen. In twee teams strijden de jongens met elkaar. Sommen oplossen. De oplossing bestaat altijd uit een getal van twee cijfers. Met twee man van het team, ieder een cijfer vast houdend moeten ze naar voren rennen met het juiste antwoord. De jongens zijn tussen de 12 en 16 maar de rekenopgaven zijn van basisschool niveau. Weer worden we op de harde feiten gedrukt dat deze jongens nauwelijks kunnen rekenen.

Mauge vertelt iets van de achtergrond. Er zitten hier honderd jongens, daarvan hebben 22 geldige papieren en zij mogen iets van onderwijs volgen. En dat is nog maar heel erg basic, een aantal uren per week. De overige 80% heeft geen papieren en dan besta je in Bolivia simpelweg niet. Zij krijgen dus ook geen onderwijs. Wel stuurt Conexiones op maandag en vrijdag vrijwillige jonge docenten naar de gevangenis voor deze jongens. Ik kan het tot op heden niet geloven. Geen onderwijs voor deze groep? Dus als overheid sluit je ze op en biedt helemaal niets? Omdat ze niet bestaan? Over struisvogel politiek gesproken. Daarmee vererger je als overheid de problemen in plaats van ze te verminderen. Bovendien zijn er jongens met een straf, dat zijn zeg maar de ergste criminelen. Maar er zijn er ook die nog geen straf hebben. Ze zijn nog niet berecht en zitten vaak voor kleinere vergrijpen. Maar die worden wel samen gezet met de zwaardere crimineeltjes. Ook dat leidt tot negatief voorbeeld gedrag. De overheid slaat hier de plank finaal maar dan ook finaal mis.

Mauge vertelt verder dat de jongens, als ze vrij komen, vaak alleen op straat staan. Niemand die ze ophaalt. Of ze hebben geen familie of de familie komt gewoon niet. Geen verjaardagskadootjes. Gelukkig verzorgt Conexiones dat laatste wel. Het eerste project van ons sponsorgeld betreft vuilnisbakken. Er zijn oude olivaten gekochte. Die worden in de werkplaats omgebouwd tot fleurige vuilnisbakken gericht op recycling. Er worden handvaten gemaakt en de bakken worden in kleurige kleuren gespoten. Het vuilnis ligt namelijk gewoon braak op het terrein. Dit is weer een klein stapje in de goede richting. Na een paar uur besluiten we het bezoek en worden door de jongens, die op appel staan op de binnenplaats, hartelijk uitgezwaaid. Ze krijgen nooit bezoek, wat dat betreft was de komst van twee motorrijders die belangstelling tonen bijzonder. Maar toch vertrek ik met een steen in de maag. Er is hier zoveel mis. Je zou hier zoveel goeds kunnen doen. Maar ik kan zo weinig doen. Het geeft een goed gevoel dat Mauge zo betrokken is. Een zakenvrouw met het hart op de juiste plek. Zij financiert de juiste projecten. En als wij dat kunnen stimuleren dan gaat het geld naar de juiste dingen.

Ook donderdag 20 juli blijven we in Cochabamba. In de ochtend gaan we met Daniela, de management ondersteuner van Mauge, inkopen doen voor een jongenstehuis. We gaan naar de grootste markt in Cochabamba. Dat alleen al is een ervaring. We kopen ondergoed, sokken, joggingbroeken, sjaals. Maar dan zeg ik: als ik aan mijn eigen jeugd denk dan werd ik daar niet heel blij van. Kunnen we van ons privegeld niet wat kleine kadootjes kopen? Daniela vindt het geen goed idee. Het speelgoed komt allemaal uit China en is zo stuk. Ze stelt voor om snoep te kopen. O ja! Ook een goed idee. En dus kopen we koekjes, chocola en lollies.

In het jongenstehuis maken we kennis met Geoff, een Amerikaan die het huis leidt als missionaris werk. Heel veel van de mensen, de vrijwilligers die hier werken doen het uit geloofsovertuiging. En ik krijg veel meer respect voor het geloof. Mensen die een aantal jaar van hun leven wijden aan anderen, wauw dat is mooi. De jongens zijn bezig met huiswerk. Ze zijn verlegen en merken ons nauwelijks op zo lijkt het. We praten wat met Geoff en de leiding. Maar als ik de kadootjes, de kleding laat zien en dan ook nog het snoep! Ineens is het feest. Iedereen wil kennis maken, snoep halen en knuffelen. Ah wat is het toch schattig. Ook in dit huis merk ik dat er veel liefde is, van Geoff en de leiding. De jongens mogen ook hier blijven tot hun 22e levensjaar. Ook hier is het de bedoeling ze op weg te helpen naar volwassenheid. En ze laten studeren of een vak leren. Het grote verschil tussen de tehuizen en de gevangenis is dat er in de gevangenis weinig liefde is. Vaak keren die jongens ook weer terug op het verkeerde pad. Maar ik weet zeker dat Conexiones in alle gevallen een positieve invloed heeft.

Wij willen heel graag ook iets voor Mauge en haar medewerkers doen. Dit is een plek met zoveel positiviteit. Spontaan besluiten we een avondmaal te bereiden, een Dutch meal! Ongeveer tien mensen doen mee.  In de supermarkt besluiten we dat het peen en uien wordt. Die ingredienten zijn hier ruim voorhanden. Het kost ons ruim drie uur schillen en koken. Sabine maakt nog wat lekkere salade. Maar het lukt fantastisch. Voor we beginnen vraagt Mauge aan een van de vrijwilligers of ze wil bidden voor het eten. Natuurlijk, daar had ik weer niet aan gedacht. En het wordt een hele leuke avond, een mooie afsluiting van ons bezoek aan Cochabamba.

Op vrijdag 21 juli vertrekken we vanuit Cochabamba om via een bergroute

noordelijk naar Coroico te rijden. Daniela de management assistente zwaait ons uit. Ze zegt nog tegen me: "I wish I could marry a husband like you". Ik weet even niet wat te zeggen en antwoord maar met "ahh thank you". De bergroute is geweldig mooi. In Europa ben je al onder de indruk van bergen van 2500 meter. Dit gaat gewoon naar 4500 meter! Prachtge valleien met mooie riviertjes. Mooie hoogvlakten met ijzige wind. Dan dalen we weer in een groene vallei. Het lijkt wel de Alpen, behalve dat het twee keer zo groot is. We lunchen met brood en vis langs het bergpad. We liggen goed op schema om Independencia te bereiken, daar is een hostel.

Eindelijk gaat eens een keertje iets volgens plan! Dacht ik...... om vijf uur is er een wegomlegging. Een deel van de weg is compleet weggevaagd. Een landverschuiving. Verdorie we lagen net op schema. We worden het dal in gestuurd. Nee he! Daar ligt een rivier die we liefst vijf (!) maal moeten oversteken. O mijn god, wat een beproeving. Bij iedere crossing goed uitkijken dat je niet uitglijdt over die gladde stenen, motor goed vast houden, concentreren, een foutje nu is dodelijk. Een keer glijd ik bijna uit maar ik blijf nog maar net overeind. En om zes uur is de klus geklaard. Maar...het begint te schemeren. Kamperen in de Andes dan maar? Mmmmmm de Garmin geeft aan nog een half uurtje naar Independencia. Maar ik weet dat we dat niet redden. De Garmin rekent namelijk niet met de snelheid die bij offroad aanzienlijk lager ligt dan bij rijden op asfalt.

Het wordt later en later. En donker. We rijden beiden met groot licht maar het is oppassen. Vangrails kennene ze hier niet. En het zijn diepe dalen. Uiteindelijke zien we de lichten van Independencia. En nog kost het ons een half uur voordat we er zijn. Het dorp heeft straatverlichting. Maar die straten! LEVENSgevaarlijk. Die zijn werkelijk nog slechter en steiler dan de gevaarlijkste bergpaden. Behoedzaam bereiken we het hostel. We nemen een kamer met badkamer en keuken. We willen onze natte laarzen goed drogen en en hete douche nemen. En we sluiten de dag af met geroosterde kip met patat en rijst. Pfiewww wat een dag, weer op het nippertje gered.

Zaterdag 22 juli, van Independencia naar Cochabama.

Op zaterdag vertrekken we uit Independencia om noordelijk door de bergen te rijden. Maar pas nadat Sabine de laarzen in de oven (!) gedroogd heeft. Ik tik het volgende dorp in de Garmin in en we rijden heerlijk over de de bergwegen. Dan....verdorie! Weer een desvio (omleiding). Gisteren betekende dat een omleiding door het dal met vijf verschillende rivercrossings! Niet weer he, dat kost zoveel tijd..... Maar helaas, even later staan we weer voor een river crossing. Een kleintje, dat doen we wel even. Maar dan volgt er weer een..... een lange. Wacht eens even, waren we hier gisteren ook? Mijn god! Ja! We zijn de verkeerde richting uit gereden! Hoe is dat in godsnaam mogelijk! Dan zie ik het. Mijn fout. Een domme navigatiefout. De Garmin wil ons naar de hoofdweg leiden en met  een omweg van 600km naar het volgende dorp sturen. De hemel komt naar beneden. We zijn al 2,5 uur onderweg. Dat betekent een totaal tijdverlies van 5 uur! O nee he, dat kunnen we niet hebben. Vijf uur verliezen is geen optie. Ik word kwaad, ontzettend kwaad op mezelf. Hoe kan ik zo stom zijn?

Het is 12u15, wat te doen? Doorgaan in noordelijke richting is geen optie meer. We besluiten terug te gaan naar Cochabamba en daar dan maar de snelweg naar La Paz in het noorden te nemen. De enige optie om qua reisschema nog goed uit te komen. Sabine vraagt of we dan dezelfde weg naar Cochambamba nemen als de hoofdweg. Ja natuurlijk, we zitten op dezelfde track. Toen nog wel.... Een uurtje later kijk ik op de Garmin en we zitten een eindje van de track vandaan, er zit een bergketen tussen. Mijn hemel wat ben ik vandaag aan het stunten met het navigeren. Maar geen paniek, er is nog een andere route terug naar Cochabamba. We geven gas en rijden een heel, heel steil pad op. Jezusmina, compleet met haarspeldbochten en los grint. Lekker dan. We klimmen hoger, 3000 meter, 3500 meter, 4000 meter. Wat een hoogte. En iedere keer als ik denk: dit is het, gaat het NOG hoger. We komen op lieftst 4500 meter hoogte uit.

En dan begint het. De track is fabelachtig mooi. Door vulkanisch gebied met grote bulten lava. Steile bergtoppen en je kijkt neer op het bergmassief. Een enkele wolkje zweeft even hoog als wij. Maar....onze laarzen zijn nog zeiknat van de river crossings. En het is KOUD daarboven. Ik heb het gevoel alsof er ijsklompen aan mijn benen zitten. En na iedere bocht denk je: het gaat wel een keer naar beneden, daar is het warm. Nee hoor, kilometer na kilometer blijven we op 4500 meter. En als we na de bocht de schaduw in rijden denken we: o nee! Schaduw is NOG kouder. Maar als je dan weer in de zon komt dan warm je weer even op.

Pas tegen een uur of vijf zien we Cochabamba en gaat de track EINDELIJK omlaag. Nog nooit in mijn leven had ik zulke koude voeten. Pas rond een uur of zes, het schemert, bereiken we de buitenwijken van de stad. Ik zoek op de Garmin een hostel. Hostel? Nee doe maar een hotel, vier sterren alstublieft! Om een uur of zeven bereiken we dan een hotel met vier sterren. Ik vraag de prijs bij de balie. 320 Boliviano's. WAT? zeg Sabine, zo veel??? Normaal gesproken betalen we 50, 70 of 100 Boliviano's. Maar, zeg ik, dit is omgerekend een paar tientjes in euro's! O ja zegt ze. En er is een ligbad! We zijn de kamer nog niet binnen of de kraan van het bad staat al open. We hebben een half uur nodig voordat het gevoel in de voeten terugkeert. Wat kan een beetje luxe toch heerlijk zijn.... 

Zondag 23 juli, van Cochabamba naar La Paz.

Het is zondag en in de ochtend rustig aan gedaan. Er is een ontbijt inbegrepen en dat is ook een 4* ontbijt. Het lijkt wel Europees. Broodjes, zoetigheden, vleeswaren, kazen, etcetera. Ik ga voor het croissantje en pannekoekje en we gaan buiten in de zon zitten. Buiten de zon is het koud, maar de stralen van de zon verwarmen ons heerlijk. Nu zie ik pas goed waar we zitten. Het lijkt wel een tropisch oord! Huisjes, rieten daken, zwembad, speeltuin. Gelukkig is het winter en dus niet druk. Ik drink mijn melk met frambozen smaak. Jaja, stoere jongen hoor met zijn Yogo Yogo. Na het ontbijt belt Sabine nog even met Johnny. Het gaat hem nog niet goed, de koorts houdt aan. Al met al rijden we pas om 10u30 weg, 360 kilometers naar La Paz voor de boeg. In Cochabamba proberen we te tanken. Bij de eerste twee stations geen geluk, geen benzine voor extranjeros. Bij de derde hebben we geluk. De dame in kwestie wil wel benzine verkopen maar dan wel zonder bonnetje. En dan wel aan de prijs voor extranjesos. We betalen 84 Bolivianos, op de pomp staat 54 Bolivianos, het verschil tussen de prijs voor locals en voor extranjeros. Het verschil van 30 Bolivianos steekt zij in eigen zak. Dat is ruim twee Euro. Ons kans het niet schelen. Maar als je weet dat het gemiddelde inkomen in Bolivia 30 Euro per maand is, dan is 2 Euro best veel. Maar goed, een pompbediende zal iets meer dan het gemiddelde in Bolivia verdienen, heel veel mensen verdienen namelijk zo goed als niets. Ik gun het haar van harte.  

Het eerste stuk is de weg naar Oruro. Die is werkelijk schitterend. De ene bocht na de andere, we klimmen weer hoger en hoger. Ik voel gewoon de druk op mijn oren toenemen. Op de heenweg hadden we geen tijd te stoppen, nu stoppen we twee keer. Sabine staat te springen van enthousiasme. Wat een pracht, wat een geweldig mooie valleien. Daarna volgt weer het stuk met wegopbrekingen. Weer 35km offroad rijden. En dan die touringcars! Op een bepaald moment komt er een de bocht om.... ik denk die haalt het niet. Bijna 45 graden scheef slingert hij recht op me af. Ik stuur de berm in. Nou ja, berm, die is misschien nog wel van betere kwaliteit dan de weg. De bus weet het nog net te houden.

We klimmen weer naar 4500 meter, holy shit dat is koud! Met een slinger zet ik de motor langs de kant van de "weg". Tijd voor een extra jasje en warme handschoenen. Even later, we rijden bijna vol gas, 80km per uur, is net de tankwagen met water langs geweest. Het water dat ze sproeien om te voorkomen dat de weg een grote stofwolk wordt. Maar er ligt een diepe kuil...vol water en modder. Die zie ik op het aller, allerlaatst. Sjips! Nou ja, gas dan maar! En ik krijg een volle boeggolf van modder over mij heen. Mijn hele vizier onder de modder spatten. Ik veeg het maar niet weg, maar laat het drogen. Bovendien weet ik dat we over een half uurtje een dorpje tegenkomen waar we kunnen lunchen en tanken. Daar maar met water het vizier weer schoonmaken.

  

De weg naar La Paz, de 1, is een daadwerkelijke snelweg met gescheiden rijbanen. Vier rijbanen in totaal, wauw! Af en toe stoplichten. Stop. Stoplichten? Ja, als de snelweg dwars door dorpjes gaat. En overstekende straathonden. Met die beesten weet je het nooit. Staan ze je aan te kijken: zal ik, zal ik niet, blijf ik staan? En jij komt met 100m/u aan. Tot heden heb ik ze kunnen ontwijken, mocht ik er toch een aanrijden dan liefst zo hard mogelijk. Dan is de kans dat je zelf overeind blijft namelijk het grootst.

Als we La Paz naderen zien we bergen met besneeuwde toppen. Hehe eindelijk na al dat niemandsland. Op een gegeven momet zegt de Garmin rechtsaf van de snelweg, de via urbana. Meestal staat dat synoniem voor een baggerweg, een overhard pad. En ja hoor, het is een slingerend wegggetje, vol stenen, zand en onwijs steil. Ik stop bovenaan. Zullen we? Mmmm toch risky. Ach wat, we hebben al zoveel gedaan, dit moet ook lukken. En op het achterremmetje rollen we de berg af. Dan opent La Paz zich voor onze ogen. Wat een gezicht! Het lijkt een groot dorp, omgeven door rood gesteente. Puntig steken de rotsen boven alles uit. Alsof het een lijst is voor de stad. En daarachter de witte bergtoppen, fabelachtig mooi. Langzaam rollen we de stad binnen op weg naar ons hostel.

Maandag 24 juli 20u00, ik lig op bed met de benen omhoog. Waar ik bang voor was is vandaag TOCH gebeurd. Een aanrijding met een straathond. Het beest sjokt midden over de weg. Ik kom aanrijden, toeter....dat had ik beter niet kunnen doen. Het beest schrikt zich wild en loopt zo onder mijn voorwiel. Ik rem maar iķ raak hem vol in de maag. En ik ga neer, ik voel dat mijn helm op het asfalt klapt. Mijn spiegel weer aan gruzelementen, ik hoor de glassplinters om mijn oren vliegen. Dan is het stil en ik blijf liggen. Pijn aan mijn rechter enkel en rechter knie. En aan mijn linker pols. Om mij heen gebeurt vanalles, ik krijg er weinig van mee. Veel mensen staan om me heen. Ze willen de ambulance al gaan bellen. Nee, wacht daar nog maar even mee. Ik krabbel op mijn elleboog en zeg it's okay! Maar mijn rechter enkel doet wel degelijk zeer.dan ga ik staan...houdt 'ie het? Mmmmm het doet zeer maar hij houdt het. Niet gebroken. Ik loop de straat op en neer. Met moeite gaat het.

Het plan was om naar Moon valley te gaan en dat doen we ook. Het motorrijden gaat wel prima. Moon valley is een schitterende vallei met rotsformaties. Het lijkt een beetje op stalactieten. We doen de wandeling van 45 minuten. De eerste helft gaat goed, maar dan.....Mijn enkel begint op te spelen en met moeite kan ik lopen. Met veel pijn bereik ik de motor weer. Vervolgens willen we naar een uitzichtspunt rijden. Ik verbijt de pijn met lopen, met motorrijden gaat het wel. Dan komt er weer zo'n steil weggetje met stenen en kuilen, naar boven. Sabine toetert en we stoppen om te lunchen. Met moeite zet ik de motor neer. De lunch bestaat weer uit kip, rijst, aardappelen en gebakken banaan. Dan beseffen we dat we alletwee wel veel pijn hebben. Sabine heeft veel last van de arm. waarschijnlijk een ontstoken spier door de vele trillingen van het offroad rijden. Ze zegt dat ze het niet meer trekt. Mijn enkel doet ook onwijs zeer. Dus besluiten we om terug te keren naar het hostel.

Maar op de terugweg.....daar ligt de Honda dealer! Maar even stoppen voor nieuwe spiegels en een nieuwe remhendel. Mooie zaak maar jezus wat een desorganisatie! De man met de sleutel van het magazijn is er pas over een half uurtje. Pffff. We shoppen nog even. Sabine koopt een nekbrace, die zijn we ergens in Sojame desert verloren. Mijn maat hebben ze niet. Ik koop een niergordel, die ben ik vergeten in Nederland en dat leidt tot rugklachten bij lange ritten. Twee uur later kunnen we weg met gerepareerde spiegels en remhendel. En mijn voet blijft maar zeer doen.

Terug in het hostel legt Sabine een drukverband aan om de enkel. Het lijkt goed te doen maar als ik dan toch moet opstaan om te gaan plassen ervaar ik een pijn....mijn hemel, ik kerm het uit. We besluiten het drukverband toch maar weer te verwijderen en dat lijkt te helpen. Op dit moment is het onzeker hoe het morgen gaat. Ik gok erop dat wanneer ik morgen de motorlaars aantrek, het wel moet gaan. Maar niks is zeker. Deze reis is helemaal niks zeker.......

25 juli 22u00 Juli, Peru. Vandaag eens een dag dat alles mee zat. Dat hebben we nog niet vaak meegemaakt. Vanochtend bleek de enkel al een stuk beter, de zwelling vrijwel wel en ik kon het weer aardig belasten. Het advies na een dergelijke zwelling is weliswaar twee tot drie dagen rust maar op de motor doet die rechtervoet niet veel, zeker niet als je over asfalt rijdt zoals wij vandaag. Vertrokken uit La Paz, nog even wat laatste Boliviano's gepind om te kunnen tanken en op pad.

Maar probeer La Paz maar eens uit te komen als je de altiplano richting Peru op moet. Een groot deel van de weg door de stad zat prop en propvol. Overal markt, overal van die godvergeten busjes die zich overal tussendoor wurmen. Maar wij zijn ook niet gek, te pas en te onpas zet ik mijn motor gewoon dwars voor zo'n busje. Eat that! Sabine schopt hier en daar een busje: do not mess with me! Langzaam, heel langzaam klimmen we hoger en hoger en rijden dwars door marktstraten. Het duurt ongeveer een uur en dan volgt een magistraal uitzicht over La Paz, wat een gezicht! We rijden La Paz uit en dan volgt El Alto. Dat was voorheen een voorstad van La Paz maar is tegenwoordig groter dan La Paz. Ook daar overal markt, mensen, busjes. Ook daar is het wurmen, wurmen, wurmen. En eindelijk, eindelijk bereiken we de grote weg richting de grens.

We stoppen bij Tiwanaku, een plaatsje bekend om de opgravingen van de Tiwanaku, een indianen/Inka stam uit vervlogen tijden. De marktplaats staat vol met beelden uit die tijd, prachtig om te zien. We gaan niet naar de opgravingen zelf want er staat ons een border crossing te wachten en we weten dat die veel tijd kosten! Bij Desaguanado rijden we vol goede moed richting de grens. Zouden we weer gezeik krijgen omdat de papieren niet 100% kloppen? Ach, bedenk ik me, als we de immigratie stempels maar krijgen zodat we bij de luchthaven geen gedoe krijgen. Of die motoren nou goed ingevoerd worden of niet, who cares.

We stoppen bij de grens. Mm vreemd, alleen vrachtwagens en een klein kantoortje. Er komt iemand op ons af en vertelt ons dat we in het dorp moeten zijn. Dit is alleen voor vrachtverkeer. Typisch Zuid Amerika, er staat nergens een bord dat dit aangeeft. Op pad naar het dorp dan maar. Nog steeds geen borden. Even gevraagd en een local loopt met ons mee om de weg te wijzen. Aardig van hem... Nadat we eindelijk de grens gevonden hebben, het is een grote winkelstraat....doen we eerst de immigratie. Hey dat gaat goed, zowel bij Bolivia als bij Peru krijgen we zonder veel problemen de stempels. We kunnen in elk geval terug naar Nederland. Maar dan. Bij Peru maken ze ons duidelijk dat de motoren ingevoerd moeten worden. Ik laat alle papieren zien en dat is ondertussen een hele stapel. Ik weet het ook niet meer, zoek het maar lekker uit. Wij hebben onze immigratie stempels dus als het niet lukt rijden we gewoon door. Maar ze maken ons duidelijk dat we eerst bij Bolivia een stempel moeten halen. Mmmmm dat is aan de andere kant van de brug, nou vooruit dan maar. We doen 1 poging om het goed te doen. Dus weer naar Bolivia. Er staan wel grote borden met wat je allemaal  moet doen, maar alles in het Spaans. Met mijn half jaartje Spaans begrijp ik daar ...mmmm... zeg maar helemaal niets van. Tot mijn stomme verbazing krijg ik binnen vijf minuten een stempel. O...zo kan het dus ook? Maar weer terug naar Peru. Tsja en daar hebben we te maken met een dame. En met dames hebben wij geen goede ervaringen. Staan op hun strepen, checken alles en willen hun autoriteit laten gelden. Ze wil met ons mee naar buiten naar de motoren. Zul je het gedonder krijgen zeg. Gaat ze natuurlijk lopen miepen over dat chassisnummer dat niet klopt. Ze loopt naar de motoren.....checkt het kenteken....en dan....okay you are free to pass! Huh? Hoor ik dat goed? In het Engels nog wel? Totaal verbouwereerd staan we daar. Ging dat nou in 1 keer goed? Nog niet eerder meegemaakt.

Dan rijden we richting Juli, district Puno. Het Titicacameer ligt aan onze voeten, wat machtig mooi. We slingeren over een weg langs het meer. Voor zover je kunt kijken overal water. Roeibootjes langs de kant. Van Juan Carlos heb ik vernomen dat je in het Puno district moet uitkijken. Gewapende bendes die mensen en dan met name toeristen overvallen en beroven. Ik draai het gas vol open, we willen voor het donker in Juli zijn. En om 16u55 staan we voor het door ons beoogde hostel. Niet te geloven, een dag die volledig volgens planning verliep. Beetje saai eigenlijk... 

Op woensdag 26 juli starten we de dag in Juli. We zijn vroeg uit de veren (7u) en gaan daar naar de markt, op zoek naar ontbijt. Wat een geweldig leuke markt! Rustig, geen toeterende auto's, prachtige groenten. We kijken onze ogen uit! Paarse mais....schoenen gemaakt van autobanden, en geweldige verse sapjes. We gaan lekker zitten en genieten van sapjes met cactusvruchten, banaan, papaya, ananas. Wat een geweldig ontbijt. Ondertussen kijken we naar alle bijzondere mensen. Wat opvalt is, dat hoe oud mensen ook lijken, ze torsen allemaal kilo's o de rug. Mijn hemel, ik krijg al rugpijn van het kijken alleen! Hoe blijven die mensen zo fit dat ze dat kunnen? Die moeten toch wel een gezonde leefstijl hebben.

Op het dorpsplein laten we de laarzen nog even poetsen. Mijn schoenpoetser, een man die maar een arm kan gebruiken en ook moeilijk zit, heeft aan mijn laarzen geen gemakkelijke klus. Drie verschillende soorten schoenpoets gebruikt hij. En is er drie keer zo lang mee bezig als andere poetsers. Gelukkig past hij zijn prijs daarop aan. Helaas heb ik geen kleingeld meer om iets extra te geven. Ik bied hem twee mandarijnen, nou dat vindt hij helemaal geweldig. Pas om 11u00 rijden we weeg uit Juli. Een plaatsje van niks maar wij vonden het super.

Die dag komen we om 16u00 aan in Putacara. Het is nog relatief vroeg, we hebben nog twee uur daglicht. Maar volgens de Garmin is het volgende hostel meer dan 100km verderop. Nou kun je niet altijd op de Garmin vertrouwen. Ik heb weliswaar in het halfjaar voorafgaand aan deze tocht het internet afgespeurd naar adressen en die allemaal in de Garmin gezet. Maar toch staat er meer niet in dan wel. Maar ook volgens de papieren kaart volgt er de komende 100km weinig bebouwing. Dus besluiten we in het hostel in Putacara te overnachten.

Putacara is een dorpje waar vooral vrachtwagenchauffeurs overnachten. Als we stoppen staat Veronika langs de weg en vraagt of we bij haar koffie willen komen drinken. Ze heeft een klein winkeltje met snoepe, chocola, broodjes en wat plastic stoeltjes en tafeltjes. Dat is zo leuk hier: mensen benderen je direct. En Veronika is oprecht geinterresseeerd in ons verhaal. En de koffie? Capuccino maar zo anders dan in Europ en zo lekker!

Na de koffie maken we nog een wandelingetje door het dorp. En daar staan twee mensen in een winkeltje, roepen op ons en wij reageren. En wat we dan zien....het verbaast ons. Het is een dorpje van niks en deze mensen hebben een koffiemuseum gemaakt! Zo leuk! In posters wordt het hele proces uitgelegd. Op schaal zijn de verschillende tools te zien die gebruikt worden. En natuurlijk is de koffie te koop. De koffie ruikt verrukkelijk. We krijgen nog een uitgebreide persoonlijke toelichting. Ik kan het niet reproduceren maar het complete productieproces doorgaat wel een een stuk of tien stappen. Nooit geweten dat het proces zo arbeidsintensief is. Natuurlijk kopen we twee pakken koffie, a raison van 8,5 Euro per stuk. Best duur voor Peru maar we gunnen het deze mensen. Leuk om te zien hoe zij als ondernemers hier zoiets leuks neerzetten. En die koffie is het geld echt wel waard.

Donderdag 27 juli. In het kleine gehucht Putacara gaan wij op zoek naar een ontbijtje. Tegenover ons hostel is een tentje waar ze brood verkopen. Gelukkig! Rijst en soep in de ochtend is niet alles... We nemen ieder twee broodjes met ei. De broodjes lijken op de shoarma broodjes die ze in Nederland verkopen. Maar dan vers gebakken en iets vaster van vorm. Vele malen lekkerder! In ons hostel vragen ze waar wij naar toe gaan. Naar Cuzco zeggen wij......maar dat kan niet! Huh? Kan niet? Wat is dit nou weer? Het is toch gewoon een weg door de vlakte, geen bergen, geen landverschuivingen? Waarom zou dat niet kunnen? Maar always listen to the locals...... Dus ik probeer met mijn gebrekkige Spaans te vragen waarom we niet naar Cuzco kunnen rijden. Ah, ik begrijp dat er blokkades zijn. Wegwerkzaamheden, neem ik aan. Maar dan zegt een andere local dat we er met de motoren gemakkelijk langs kunnen rijden, als we maar voorzichtig doen. Nou dat moet wel lukken met alles dat wij al voor de kiezen gehad hebben. Zo vertrekken wij rond 9u00 richting Cuzco, de Garmijn voorspelt dat wij 12u30 zullen aankomen. Dat is lekker op tijd. Dan kunnen we in Cuzco de motoren herpakken; de spullen voor het goede doel weer ophalen, de meeste andere zooi daar laten en door naar B&B Gringo Wasi. Dat is het punt van Pack or a Purpose waar wij de spullen kunnen achterlaten. Dat moet dan mooi in het begin van de middag kunnen. Een redelijk relaxt dagje, zo lijkt het. Maar hoe anders kan het lopen...dit is Zuid Amerika!

Wij gaan vol goede moed op weg, lekker weertje, goed uitgerust en goed gegeten. Na een uurtje volgt een politie controle. Die zien we wel vaker. Maar deze keer worden alle auto's staande gehouden. Mmmm zal wel een extra controle van papieren zijn. De politie agent gebaart ons naar voren te komen. O, die zal onze papieren dan ook wel willen zien. Maar tot mijn verbazing....we mogen door rijden! Terwijl alle auto's staande gehouden worden. O dan zullen de auto's wel niet doorde wegwerkzaamheden kunnen komen.

Even verderop, ik zie een menigte mensen. Mensen? Dat zijn geen wegwerkzaamheden! De mensen demonstreren. Er ligt turf op de weg dat in de fik gestoken is. Grote stenen en rotsblokken. Glasscherven en ijzerdraad. Wat is dit dan? Is het oorlog hier? Maar links zie ik een paadje waar we wel langs kunnen. Voorzichtig rij ik daar langs. Een vrouw kijkt me kwaad aan. Pardon! Roep ik maar ik rijd door. Tussen de stenen en glasscherven door naar de rechterkant, daar is ruimte. Dan voel ik iets aan mijn been. Een man roept iets naar me, kwaad. Ik blijk een stuk ijzerdraad mee te slepen. Even schoppen en het stuk draad laat los. Holy guacalmoly, dit is riskant zeg. Sabine rijdt ondertussen rustig acher mij aan. En even later zijn we de roadblock voorbij. En zien we een file van ki-lo-meters vrachtwagens en bussen die helemaal vast staan. Ik geef gas want ik wil hier weg! Wij hebben hier niets mee te maken en we hebben helemaal geen zin in woedende mensenmassa's.

Vijf minuten laten rijden we weer in een open landschap en lijkt de mensenmassa ver weg. Alsof het niet gebeurd is. Vredig zoeven wij weer over de weg. Ach, dat viel eigenlijk nog best mee. Als dat alles was....maar dat was het niet! Alleen wisten wij dat op dat moment nog niet. Nog geen half uurtje later...wegmarkeringen langs de weg. Om te waarschuwen dat je er niet in mag. Maar ja, het is de enige weg die we kunnen nemen dus we rijden door. En ja hoor, even later is er weer een roadblock en deze keer blokkeren de mensen de gehele weg. Ik kan er niet zomaar even doorheen rijden. Een andere aanpak is gewenst. Een kleine jongen zegt iets tegen mij maar ik versta hem niet. Ik zet de motor uit, helm af en oordoppen uit. Ik gebaar hem of hij naar me toe wil komen. Dan vraag vraag ik hem wat er aan de hand is. Hij en een aantal andere mensen leggen uit dat het gaat om de mijnen, dat het milieu er aan gaat en dat de mensen er niets van terugzien. Ik knik begrijpend en zeg: ja dat is slecht he. Wel denk ik: iedereen pleurt zijn afval gewoon overal neer en ineens zijn jullie bezorgd om het milieu? Maar goed, ik speel het spelletje mee. De mensen vinden ons wel interessant en ik leg uit dat we uit Nederland komen, hoe lang we onderweg zijn, waar we geweest zijn. Ze wilen ook alles weten van onze uitrusting. De kleine jongen zegt dat we over 15 minuten door mogen. Ah, okay, dat valt mee. En ik ga rustig door, vertellen over de reis en de uitrusting. En even noemen dat we het vliegtuig moeten halen... Ja! Je mag door! Zegt de kleine jongenen. Huh? Dat is pas 5 minuten hoor. We zijn nog lang niet uitgekletst! Dus ik kletst nog gezellig wat met de mensen en de kleine jongen begrijpt er niets van dat we niet gelijk doorrijden. Maar even later bereikt mijn kennis van de Spaanse taal haar grenzen en rijden we door, vrolijk uitgezwaaid door alle mensen. Goh dat was eigenlijk best leuk! Ja, dat wel, maar even later......

Een uurtje later komen we bij het volgende stadje. Ook daar waarschuwingen en ook daar een roadblock. Maar hier is het anders. Er staan mensen op barricades die de menigte toespreken. Ze zwepen de mensen op, er worden leuzen gescandeerd. Mmmm de motoren uit en maar even luisteren uit respect. Het gaat weer over mijnen en het feit dat mensen geen elektra en geen stromend water hebben. Tsja, daar zit wat in, dat is ook een rare combinatie van feiten. Ik probeer dezelfde tactiek als net: praten met de locals, sympathie winnen en dan maar hopen dat ze ons er door laten. Eventueel zie ik ook nog wel mogelijkheden om gewoon offroad er omheen te rijden. Maar over het asfalt heeft toch onze voorkeur omdat Sabine last heeft van haar arm en ik van mijn enkel. Een paar oudere mannen kletst even met ons en het lijkt te werken. Ik heb mijn helm af zodat ze me goed kunnen zien. En even later zeggen ze: als je de motor voorzichtig vooruit duwt dan kun je er wel langs. Ha! Succes! Maar....een ma houdt mijn motor tegen en zegt dat ik moet luisteren naar de toespraken en dat ik er vandaag niet langs kom. Hij kijkt er kwaad bij. Dat ik er vandaag niet langs kom? Nou beste kerel dat is echt niet aan jou hoor. Maar confrontatie met hem lijkt e niet de beste strategie. Dus ik speel de domme, zeg dat ik geen Spaans spreek en wijs naar de oudere meneer. Laten zij maar even samen praten. En de oudere meneer stapt op hem af en zegt vergoeilijkend dat wij toeristen zijn die er niets mee te maken hebben. Hij is het er niet mee eens maar nu duw ik de motor door. Als hij daadwerkelijk de confrontatie aan wil...ik weet dat ik sterker ben, bovendien heb ik protectie aan waardoor ik sowieso veel groter en breder lijk dan hem. Gelukkig, hij bindt in en ik duw mijn motor de berg op naar het einde van de blokkade. In mijn spiegel zie ik Sabine zwoegen om door de boze menigte te komen. Maar gelukkig, de oudere meneer spreekt overal verzoenende woorden. 

Uiteindelijk staan we achter de blokkade en bedanken we de oudere meneer. Hij lacht en zegt dat het niets is. Maar dit was anders, de mensen waren boos en opgezweept. We moesten heel goed uitkijken dat ze zich niet tegen ons zouden keren. We wachten nog even omdat de kerende auto's de weg blokkeren. Maar zodra de weg vrij is ben ik blij dat ik gas kan geven. We hebben al veel meegemaakt deze reis, geen moment was ik bang of onzeker, altijd wist ik dat er een uitweg was. Maar deze was spooky. Niet dat ik echt bang was, maar gerust was ik er zeker ook niet op. Zouden nog meer roadblocks volgen? Zo ja, dan rijd ik er gewoon offroad omheen want ik wil ons zeker niet in gevaar brengen. Maar gelukkig, we komen in een ander district en hier is geen sprake van roadblocks.

In Suci besluiten we te eten en waarempel! We rijden zomaar langs een Honda dealer. Nog maar even een gebroken remhendel laten repareren. Dat waren deze reis vier remhendels en vier spiegels, over twee motoren verdeeld dan. Het grootste probleem is dat de motoren met zoveel kilo's achterop instabiel worden op de zijstandaard. Die is iets te hoog waardoor de moteren verschillende keren om gesodemieterd zijn, met of zonder bestuurder. En die remhendels en spiegels zijn werkelijk niets waard, bij het minste of geringste breekt het spul. Een volgende keer maar wat eigen materiaal meenemen dat ofwel beter beschermt ofwel beter tegen een stootje kan. Maar goed, de motoren zijn weer helemaal compleet. Wel compleet onder de bagger, krassen hier en daar, los zittende knippers en ik twijfel of mijn stuur nog wel recht is. Maar who cares, het zijn immers offroad machines en zo hebben we ze zeker ook gebruikt. We eten wat in een tentje waar de uitbater fan is van Johann Cruijff. El mejor! We proberen een enkel gerecht te bestellen maar daar wil hij niet van weten. In Zuid Amerika bestel je een menu! Vooruit dan maar, weer aan de soep en daarna spagetti met stukjes aardappel. Vreemd maar wel lekker. Te drinken: koude, zoeten thee. Afrekenen: 7 soles voor twee personen, zeg maar ruim een Euro per persoon. Heerlijk dat Zuid Amerika!  

Maar we zijn er nog niet! Letterlijk. We hebben uren vertraging opgelopen en in Cuzco willen we de bagage verruilen voor de spullen voor Ninos del Sol, een tehuis voor kindern in Urubamba. Daarvoor moeten we naar B&B Gringo Wasabi, een 45 minuten rijden van Cuzco. Pas om 17u arriveren we in Cuzco bij de WalkOn Inn waar we de bagage verwisselen. Dat kost ook weer een half uur. En hier wordt het om 18u00 donker! Verdorie, zijn we 's ochtends op tijd en nog is het een race tegen de klok door alle roadblocks. Om half zes rijden we weg in de schemering. De GPS werkt niet echt mee want die wil ons allerlei zijstraten in laten rijden. Geen idee waarom. In Europa heb ik dat probleem nooit. Maar ik weet welke richting we uit moeten en op gevoel houd ik de grote weg aan. We klimmen en klimmen en dan ...

Dit is toch werkelijk niet te geloven! Alles staat vast! Komop daar hebben wij geen tijd voor! Zo meteen gaat het licht uit! We wurmen ons door het stilstaande verkeer en dan zien we waarom alles vast staat. Een bruiloft....feest....midden op straat! Ja waarom een zaal afhuren als het midden op straat kan he. Nooit eerder reed ik met een motor dwars door een builoft heen. En de politie staat erbij en kijkt er naar... Nou pffff! Opschieten het schemert. Maar driehonderd meter verder: weer alles vast. Dit snap je toch niet? Hoeveel opstoppingen kun je hebben op een dag? Weer wurmen we ons er doorheen en dan horen we trommels. We zien mensen wild uitgedost, het lijken wel Indianen. Ze dansen op de weg. Ons rest niets anders dan de motoren uit te zetten. Hier kunnen we met goed fatsoen niet doorheen rijden. Maar gelukkig, na tien minuten is er pauze, de auto's kunnen niet door maar wij met de motoren wel.

Half zeven rijden we Cuzco uit en het wordt donker. Het is een stuk over asfalt, gelukkig. Maar niet lang....de laatste zeven kilometer zijn offroad. Ondertussen is het pikkedonker. Wel verdorie, we hebben ook geen geluk ook! Nou ja, gas naar beneden en met een sukkelgangetje van 20km/u bereiken we de B&B. Better be safe than sorry... kleine foutjes kunnen in deze omstandigheden grote gevolgen hebben.

In B&B Gringo Wasabi maken we kennis met Lyle en Lily. Niet de typische Peruanen. Lyle is een Amerikaan en getrouwd met Lily, een Peruaanse. Beide hebben een tiental jaren in de VS gewoond en gewerkt alvorens zij de keuze maakten om naar Peru te gaan. In de VS waren beide werkzaam in de bancaire sector maar het vele werken en weinig vrije tijd brak hen op. In 2012 zijn zij de B&B gestart. Voor 5 dollar mogen wij mee-eten. Lily kookt een heerlijke Peruaanse maaltijd. Er is nog een gezin met man, vrouw en twee dochters die ook aanzitten. Zij zijn, net als wij, via Pack for a Purpose bij dit adres gekomen. Pack for a Purpose wil zeggen dat je deel van je bagage reserveert om spullen voor het goede doel, vaak weeshuizen, mee te nemen.

De vrijdag, 28 juli wordt eindelijk, eindelijk een relaxt dagje. We rijde van B&B Gringo Wasabi naar Urubamba, Ollantyambo en terug naar Cuzco. Het is een fantastische dagtrip in de omgevingvan Cuzco. De bergen zijn prachtig. We bezoeken een meertje, de naam ben ik even kwijt, en daar zitten een aantal locals even uit te rusten van het werk op het land. Ze snacken iets. Dan gebaart mij eentje dat ik naar hen toe moet komen. Sabine twijfelt eerst maar ik stap er op af en zij volgt. Ze eten mais. Inka corn, dat wijn hele grote maiskorrels. En kleine aardappeltjes. Wij mogen mee eten. Wat leuk! In mijn gebrekkige Spaans vertel ik weer waar we vandaan komen, waar we geweest zijn. En dat we uit Nederland komen. Nederland? Deze mensen hebben geen idee waar dat is. Zelfs het woord Europa zegt ze niets. Dan zeg ik: veinte mille kilometros con avion! Ik zie ze verbaasd kijken. Veinte mille kilometros? Ze snappen dat dat heel, heel ver weg is.     

In de middag hangen we nog even de toerist uit en bezoeken de pyramide va Ollyantambo. Een gigantisch ding, zeg maar schaal Macchu Picchu en alle toeristen schuifelen voetje aan voetje langs alle bezienswaardigheden. Entree 45 Euro. Wij houden het op verrekijker en telelens van de fotocamera. Dit niet ons ding, veel toeristen als haringen in een tonnetje, gatver. De reis terug naar Cuzco voert door een prachtige canyon, een waardige laatste trip met de motoren. En om 17u30 leveren wij de motoren weer in. Het doet even pijn om de machine waar je drie weken alles mee beleefd hebt, weer in te leveren. Je beseft dat het avontuur over is. Maar ik besef ook dat we het er relatief goed vanaf gebracht hebben. Okay, Sabine heeft een ontstoken spier in de arm van het offroaden, ik een gekneusde enkel en pols van de aanrijding. Maar dat is allemaal te overzien. Die avond sluiten we af met een relatief duur diner in het beste locale restaurant van Cuzo, "Limo". Om onze fantastische reis te vieren.

Zaterdag 29 juli

En zo zitten we weer in het heden. Het was een zeer bijzondere reis. Bijzonder door de avonturen en de bijzondere mensen die we hebben leren kennen. Bijzonder door de combinatie met goede doelen projecten. Mensen als Angelika in haar huisje in Sojame desert, Juan Carlos de vrachtwagen chauffeur, Mauge de powerwoman die haar business combineert met goede doelen, de mensen met wie wij Inka corn gegeten hebben. Geen Macchu Picchu of dagenlang in een bus zitten maar iedere dag nieuwe verrassingen. Een reis die nauwelijks te plannen is maar waarbij we uiteindelijk toch op tijd weer in het vliegtuig huiswaarts zitten. En een reis die nog een staartje krijgt. Want de knuffels van de kinderen, dat vergeet je nooit meer. Daar gaan we meer mee doen. En Mauge met haar organisatie "Conexiones". Een zakenvrouw die niet zelf projecten opzet maar bestaande projecten financieert. Met verstand en met het hart. Mauge gaat sowieso nog een gastcollege geven aan de studenten in Leiden via Skype. Over culturele verschillen tussen Bolivia en Europa. Nee, voor ons geen georganiseerde reizen. Juist reizen waarbij je moet improviseren, people skills gebruiken, ontdekken en verwonderen. Dat maakt reizen bijzonder.

Jean-Pierre en Sabine

Foto's staan op:

https://xtsr500.smugmug.com/Events/Logboek-Zuid-Amerika-2017/

Evenementen

De club organiseert toerritten, zoals tijdens het Winterweekend, de Voorjaarsrit, rijdt jaarlijks de Hennorit en is aanwezig op evenementen, zoals het Nationaal Veteraantreffen. De jaarlijkse Clubverjaardag, een kampeerweekend in juni, staat altijd garant voor een gezellige bijeenkomst met medeclubleden, een mooie road of offroadrit en de traditionele barbeque. Het Ardennenoffensief is weliswaar geen clubevenement, maar wordt georganiseerd door 'chapter Vaals' en sluit het zomerseizoen jaarlijks af. 
Niet alle in deze rubriek/ op deze site vermelde evenementen worden georganiseerd door de club.



Voor eventuele vragen of nadere info kun je contact opnemen met de organisator of contactpersoon van het evenement. Aanmelden kan alleen via het e-mail adres en/of telefoonnummer dat bij het evenement vermeld staat.

Heb je een idee voor een evenement, stuur dan een berichtje naar: voorzitter

Disclaimer/ let op: deelname aan door de club georganiseerde evenementen en ritten geschiedt altijd en volledig voor eigen risico! De club kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventueel tijdens deelname aan clubevenementen of clubritten opgelopen of veroorzaakte schade en/of lichamelijk letsel. Draag tijdens ritten altijd beschermende motorkleding en -schoeisel en zorg ervoor dat de wettelijk verplichte WA verzekering voor jouw motor is afgesloten (eventueel met enduroclausule). In ieder geval dient de motor in een goede technische staat te verkeren.

Alle info ook op Facebook te lezen of complete agenda opvragen bij voorzitter@xtsr500.nl

 

 

 

Meld je aan bij onze (besloten) groep XT&SR500 Club Nederland op Facebook !